Belfius is nu nog volledig in handen van de federale overheid, maar de bank is zelf al langer vragende partij om een minderheidsbelang te verkopen aan private investeerders.
CEO Marc Raisière opperde eind augustus dat hij een voorstander is van de verkoop van 20 tot 25 procent van de aandelen.
"We hebben midden juli een brief gekregen van de SFPIM (de federale investeringsmaatschappij, red.), op vraag van de minister van Financiën Jan Jambon (N-VA), waarin ons wordt gevraagd om een opening van het kapitaal voor te bereiden", zei Raisière toen tijdens een persconferentie.
De gedeeltelijke privatisering van Belfius is iets waar al lang over gesproken wordt. Belfius is op dit moment voor honderd procent in handen van de Belgische overheid. Belfius ontstond uit de omgevallen Dexia-bank. Dexia kwam eind 2011 in handen van de staat in de nasleep van de bankencrisis.
"De federale regering machtigt Belfius om de volgende stap te zetten in de voorbereiding van de kapitaalsopening ten belope van maximaal 20 procent. Tegelijk wordt FPIM (de Federale Participatie- en Investeringsmaatschappij) gevraagd de voorbereidingen voor dergelijke kapitaalopening te laten starten", klinkt het bij het kabinet Jambon. De Belgische staat is via FPIM de enige aandeelhouder van Belfius.
Sinds die overname heeft Belfius de overheid al bijna 3 miljard euro aan dividend opgeleverd. Een dividend is een deel van de winst dat een bedrijf uitkeert aan de aandeelhouders.
De gedeeltelijke privatisering van 20 procent van Belfius is gepland voor het najaar van 2026. Met de verkoop zou de overheid ongeveer 2 miljard euro in een keer ontvangen, maar in de toekomst zal het een kleiner dividend opbrengen.
Op 29 februari 2012 maakte België voor het eerst kennis met de term Belfius. Dat was de nieuwe naam voor Dexia Bank België die toen net als zovele andere banken woelige tijden achter de rug had met de financiële crisis die in 2008 was uitgebroken.
Dexia Bank België was jarenlang een poot binnen de overkoepelende Dexia Groep. Dat was en is nog steeds een Belgisch-Franse financiële instelling die in 1996 is ontstaan uit een fusie van het Gemeentekrediet in ons land en het Crédit local de France.
Zelf had het Gemeentekrediet op dat moment al een lange geschiedenis. De bank was in 1860 gesticht met als voornaamste doel lokale besturen te financieren. Telkens zij een bedrag leenden, moesten ze ook aandelen aankopen. Op die manier raakten zowat alle gemeenten van België financieel nauw met de bank verweven.
In 1999 trok de Dexia Groep naar de beurs. Intussen bleef ze zich in andere banken inkopen zoals in Crediop in Italië. In 2001 nam de groep ook de financiële groep Artesia over. Dat was een samensmelting van de verzekeraar DVV en van BACOB, de bank van de christelijke arbeidersbeweging ACW.
Het was bij die bank dat het ACW het leeuwendeel van zijn investeringsvehikel Arco had belegd door aandelen aan coöperanten te verkopen. Door de overname van Artesia, kreeg de Dexia Groep deze financiële constructie in handen.
Tussen 2008 en 2011 bleef de financiële crisis de Dexia Groep parten spelen. Na enkele negatieve berichten ontluikte begin oktober 2011 een heuse run on the bank waarbij klanten massaal hun geld dreigden af te halen.
Om dit doemscenario te vermijden, nam de toenmalige premier in lopende zaken Yves Leterme (CD&V) een drastisch besluit: op 10 oktober tilde de Belgische regering Dexia Bank België uit de Dexia Groep en vormde die tot een staatsbank om. De federale overheid betaalde hiervoor 4 miljard euro.
In een poging elke connectie met de naam Dexia weg te wassen, wijzigde de naam enkele maanden later in Belfius. Sindsdien is de bank een zelfstandige instelling die net als het Gemeentekrediet van weleer kredieten verleent aan lokale besturen, maar ook particulieren financiële diensten levert en verzekeringen aanbiedt.
2025-12-05T17:48:59Z